Is Jezus de Zoon van God ?
Bijbel vs. Qur'an - deel 1

Christenen en moslims zijn het fundamenteel oneens over de identiteit van Jezus. Christenen geloven dat Jezus de goddelijke Zoon van God is, maar binnen de Islam wordt dit ontkent.  Zo staat in Soera 9:30:

وَقَالَتِ الْيَهُودُ عُزَيْرٌ ابْنُ اللَّهِ وَقَالَتِ النَّصَارَى الْمَسِيحُ ابْنُ اللَّهِ ۖ ذَٰلِكَ قَوْلُهُم بِأَفْوَاهِهِمْ ۖ يُضَاهِئُونَ قَوْلَ الَّذِينَ كَفَرُوا مِن قَبْلُ ۚ قَاتَلَهُمُ اللَّهُ ۚ أَنَّىٰ يُؤْفَكُونَ
En de joden zeggen: 'Oezayr (Ezra) is de zoon van Allah.' En de christenen zeggen: 'De Messias (cIesa) is de zoon van Allah.' Dat zijn hun woorden (die) uit hun monden (komen). Zij imiteren hiermee de uitspraken van degenen die voorheen niet geloofden. De Vloek van Allah rust op hen. Hoe kunnen zij zo afgedwaald zijn (van Zijn aanbidding)?

Volgens dit vers, wanneer christenen Jezus dus de Zoon van God noemen, imiteren zij 'de uitspraken van degenen die voorheen niet geloofden'. Volgens de Qur’an imiteren christenen dus de heidenen en zijn ze afgedwaald van de aanbidding naar God.
Dat dit een ongefundeerde opmerking is blijkt wel uit het gegeven dat Jezus ook door zijn volgelingen en anderen duidelijk werd geïdentificeerd als de Zoon van God en er geen vorm van afdwaling op de oorspronkelijke woorden van Jezus in de meest oude en originele manuscripten terug te vinden is. 

Maar wat zegt de Bijbel dan precies over Jezus als Zoon van God en wat betekent Zoon van God dan precies?

Zoon van God
Jezus word Zoon van God genoemd omdat Hij God is die Zichzelf in menselijke vorm op aarde manifesteerde (Johannes 1:1-14). Jezus is de Zoon van God omdat 'Hij is verwekt door de Heilige Geest' en 'daarom heilig zal zijn en de Zoon van God worden genoemd' (Lukas 1:35) en daarmee ook een afspiegeling is van God de Vader hier op aarde. Dit was ook zoals Jezus door de mensen en andere getuigen om hem heen gezien werd. Laten we zodoende kijken naar een aantal van deze getuigen:

Johannes de Doper
Jezus werd aan het begin van zijn bediening op aarde gedoopt door Johannes de Doper. In Matteüs 3 staat te lezen dat, zodra Jezus gedoopt was en uit het water omhoogkwam, de hemel zich voor Hem opende en de Geest van God als een duif op Hem neerdaalde en een stem uit de hemel verklaart: ‘Dit is Mijn geliefde Zoon, in hem vind ik vreugde.’

Een stem uit de hemel zegt: ‘Dit is Mijn geliefde Zoon’, wat anders kan dat zijn dan de stem van God de Vader.  Maar hoe weten we over wie de Vader sprak? Hoe weten we dat hij het niet over Johannes de Doper of iemand anders in die mensenmassa had?  Welnu, de Heilige Geest daalde af vanuit de hemel en landde op Jezus: dus zowel de Vader als de Heilige Geest identificeren Jezus als de Zoon van God.

Daarnaast identificeerde Jezus zichzelf herhaaldelijk als de Zoon van God. Bijvoorbeeld ten tijde van Zijn proces vraagt de hogepriester hem, in Markus 14:61, rechtstreeks: ‘Bent u de Messias, de Zoon van de Gezegende?’ Jezus antwoordt: ‘Dat ben Ik en je zult de Zoon des Mensen zien zitten aan de rechterhand van de Almachtige en hem zien komen op de wolken van de hemel.’

Opmerking: het oudste nog bestaande manuscript van Markus dateert van 200-250 na Christus, dus 4 eeuwen voordat Mohammed zichzelf als profeet profileerde. Dit is van belang omdat binnen de Islam vaak de authenticiteit van de huidige Bijbel wordt betwist en christenen worden beticht van vervalsing van de geschriften in de loop der eeuwen.

Dus, Vader, Zoon en Heilige Geest zijn volledig in overeenstemming over het feit dat Jezus de Zoon van God is.

Ook Johannes de Doper, als profeet gezien zowel binnen het Christendom als de Islam, zegt in Johannes 1:31-34 tegen zijn volgelingen:
‘Ik heb de Heilige Geest als een duif uit de hemel zien komen en Hij bleef op Jezus. Toen wist ik nog niet dat Hij het was. Maar God had tegen mij gezegd: ‘Op wie u de Heilige Geest ziet neerdalen en blijven, dat is Hem. Hij zal de mensen dopen met de Heilige Geest.’  Nu ik dat gezien heb, ben ik ervan overtuigd dat Hij de Zoon van God is en wil ik daarvan getuigen tegenover de mensen.’

Opmerking: het oudste nog bestaande originele en complete manuscript van Johannes dateert van 125-250 na Christus, dus 5 eeuwen voordat Mohammed zichzelf als profeet profileerde. Dit is van belang omdat binnen de Islam vaak de authenticiteit van de huidige Bijbel wordt betwist en christenen worden beticht van vervalsing van de geschriften in de loop der eeuwen.

Engel Gabriël
In Lucas 1:30 zegt de engel Gabriel tegen Maria:
‘Wees niet bang, Maria, God heeft je Zijn gunst geschonken. Je zult zwanger worden en een zoon baren, en je zal hem Jezus noemen. Hij zal een groot man worden en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd en God de Heer zal hem de troon van zijn vader David geven.’

Jezus wordt hier door Gabriel, één van de belangrijkste boodschappers van God, ‘Zoon van de Allerhoogste’ genoemd.

Opmerking: het oudste nog bestaande originele en complete manuscript van Lukas dateert van 175-250 na Christus, dus 5 eeuwen voordat Mohammed zichzelf als profeet profileerde. Dit is van belang omdat binnen de Islam vaak de authenticiteit van de huidige Bijbel wordt betwist en christenen worden beticht van vervalsing van de geschriften in de loop der eeuwen.

Apostelen
Ook aan de mensen die voor een lange tijd in de directe nabijheid van Jezus waren maakte hij zichzelf kenbaar als de Zoon van God. Aan het einde van Johannes 1:49 zegt bijvoorbeeld de apostel Nathanaël (Natanaël Bar-Tolmai of Bartolomeüs) tegen Jezus: ‘Meester, u bent de Zoon van God, de koning van Israël.’ Hierop zegt Jezus hem: ‘Dat geloof je omdat Ik zei dat Ik je onder de vijgeboom zag zitten? Je zult nog grotere daden zien! Werkelijk, jullie zullen zelfs de hemel open zien en de engelen van God die heen en weer gaan tussen God en Mij, de Mensenzoon.’


Dus naast dat Jezus dit niet ontkent belooft hij zelfs dat nog grotere dingen zullen gaan gebeuren. Met andere woorden: hij doet er nog een schepje bovenop om te bevestigen dat hij de Zoon van God is.

In Johannes 14:8-11 vraagt een andere apostel, Filippus, hem: 'Laat ons de Vader zien, Heer, meer verlangen we niet.' Jezus zegt daarop: 'Ik ben nu al zo lang bij jullie, en nog ken je met niet, Filippus? Wie mij gezien heeft, heeft de Vader gezien. Waarom vraag je me dan om de Vader te mogen zien? Geloof je niet dat ik in de Vader ben en dat de Vader in mij is? Ik spreek niet namens mezelf als ik tegen jullie spreek, maar de Vader die in mij blijft, doet zijn werk door mij. Geloof me: ik ben in de Vader en de Vader is in mij.' Om in vers 13 te vervolgen: 'En wat jullie dan in mijn naam vragen, dat zal ik doen, zodat door de Zoon de grootheid van de Vader zichtbaar wordt.'

Johannes de Apostel zegt in 1 Johannes 4:10: ‘De liefde waarover het hier gaat, is niet onze liefde voor God, maar zijn liefde voor ons. Daarom stuurde Hij zijn Zoon, die de straf voor onze zonden op Zich heeft genomen om de verhouding tussen God en ons weer goed te maken.’ om in 1 Johannes 4:14 te vervolgen: ‘Omdat wij het met eigen ogen hebben gezien, getuigen wij ervan dat God zijn Zoon gestuurd heeft als Redder van de wereld. Ieder die dit gelooft en zegt dat Jezus de Zoon van God is, blijft één met God.’

Opmerking: het oudste nog bestaande manuscript van 1 Johannes dateert van 225-275 na Christus, dus 4 eeuwen voordat Mohammed zichzelf als profeet profileerde. Dit is van belang omdat binnen de Islam vaak de authenciteit van de huidige Bijbel wordt betwist en christenen worden beticht van vervalsing van de geschriften in de loop der eeuwen.

In Mattheüs 16:15 vraagt Jezus aan zijn discipelen: ‘Wie ben ik volgens jullie?’ Petrus antwoordt: ‘U bent de Messias, de Zoon van de levende God.’ Welnu, als Jezus slechts een profeet was, zou dit een juist moment zijn geweest om Peter te bestraffen of op zijn minst te corrigeren. In plaats daarvan zegt Jezus tegen hem: ‘Gelukkig ben je Simon Barjona, want dit is je niet door mensen van vlees en bloed geopenbaard, maar door mijn Vader in de hemel.’

In Mattheüs 14:32-33 loopt Jezus tijdens een storm over het water. Na in de boot te zijn gestapt, stopt de wind en de discipelen buigen zich en aanbidden hem, terwijl ze roepen: ‘U bent werkelijk de Zoon van God’.

Opmerking: het oudste nog bestaande manuscript van Mattheüs dateert van 140-250 na Christus, dus 5 eeuwen voordat Mohammed zichzelf als profeet profileerde. Dit is van belang omdat binnen de Islam vaak de authenticiteit van de huidige Bijbel wordt betwist en christenen worden beticht van vervalsing van de geschriften in de loop der eeuwen.

Martha
Maar het zijn niet alleen zijn mannelijke volgelingen die hem de Zoon van God noemen.  In Johannes 11 valt te lezen dat zijn vriend Lazarus sterft en terwijl Jezus onderweg is naar hem komt Martha, de zuster van Lazarus, hem al tegemoet en Jezus zegt tegen haar: ‘Je broeder zal weer opstaan.’ Waarop Martha tegen Jezus zegt: ‘Ik weet dat hij weer zal opstaan in de opstanding op de laatste dag.’ Maar Jezus zegt tegen haar: ‘Ik ben de opstanding en het leven, wie in Mij gelooft zal leven, zelfs als hij sterft, en iedereen die leeft en in mij gelooft zal nooit sterven. Geloof je dit?’ ‘Ja, Heer’, zegt ze, ‘ik geloof dat U de Messias bent, de Zoon van God die naar de wereld zou komen.’

Martha en de apostelen en Johannes de Doper waren allemaal Joden. Maar zelfs sommigen van de Romeinen noemden Jezus de Zoon van God.  Op het moment dat Jezus stierf door kruisiging was er een aardbeving en de Romeinse Centurion en degenen die bij hem waren riepen uit: ‘Dit was echt de Zoon van God!’ (Mattheüs 27:54, Markus 15:39).

Duivel en zijn demonen
Interessant is dat ook de duivel zelf en zijn demonen Jezus als Zoon van God erkennen. Zo zegt de Duivel in Mattheüs 4:3 ‘U bent toch de Zoon van God? Zeg dan dat deze stenen brood moeten worden.’ En vervolgens in vers 6: ‘Als U de Zoon van God bent’. En ook demonen moeten erkennen dat Jezus de zoon van God is want in Lukas 4:41 staat: ‘Ook joeg Hij uit vele mensen boze geesten weg. Die schreeuwden dan: ‘U bent de Zoon van God!’ Maar Hij legde ze onmiddellijk het zwijgen op, want de boze geesten wisten dat Hij de Messias was.’ en in Markus 1:23-24: ‘In die synagoge was een man met een boze geest. Hij begon te schreeuwen: ‘Ik wil niets met U te maken hebben, Jezus van Nazareth. U bent gekomen om ons te vernietigen! Ik weet wel wie U bent: de heilige Zoon van God!’. Zie voor aanvullende verhalen: Mattheüs 8:28-29 en Jacobus 2:19).

Denk eens na over de opgesomde diversiteit van getuigen die er zijn. Allereerst Identificeert de Vader Jezus als de Zoon van God. Jezus zelf identificeert zich als de Zoon van God. De Heilige Geest identificeert Jezus als de Zoon van God. De engel Gabriël identificeert Jezus als de Zoon van God. De profeet Johannes de Doper identificeert Jezus als de Zoon van God. Al van Jezus' apostelen identificeren hem als de Zoon van God.  Martha identificeert hem als de Zoon van God. De Romeinen identificeren hem als de Zoon van God. En de duivel en zijn demonen identificeren Jezus als de Zoon van God.

Iedereen die Jezus als de Zoon van God kan identificeren identificeert hem steevast en heel duidelijk als de Zoon van God. Zeshonderd jaar later verschijnt Mohammed echter op het wereldtoneel en vertelt zijn volgelingen dat ondanks alle bovenstaande getuigenissen en alle profetieën vooraf gedaan in het Oude Testament (zie deel 2 van deze reeks) Jezus toch niet de Zoon van God zou zijn.

Om dit te kunnen duiden zoals het is moeten we kijken naar wat geschreven staat in Galaten 1:7-9:
'U bent van de wijs gebracht door bepaalde personen, die een verkeerd beeld van Christus geven. Als iemand iets anders verkondigt dan het goede nieuws dat u van mij gehoord hebt, moet u hem uit de weg gaan als een vervloekte, zelfs al zou ik het zijn of een engel uit de hemel.
Ik herhaal het nog maar eens: als iemand u een ander evangelie verkondigt dan het goede nieuws dat u van ons ontvangen hebt, dan is zo iemand een vloek.'


Opmerking: het oudste nog bestaande manuscript van de Galatenbrief dateert van 175-225 na Christus, dus ruim 4 eeuwen voordat Mohammed zichzelf als profeet profileerde. Dit is van belang omdat binnen de Islam vaak de authenticiteit van de huidige Bijbel wordt betwist en christenen worden beticht van vervalsing van de geschriften in de loop der eeuwen.

Deze waarschuwing in de Galatanbrief geeft ondubbelzinnig weer dat de boodschap van Mohammed afbraak doet aan het Evangelie (lett. betekenis: goede nieuws / blijde boodschap) en daarmee op Bijbelse gronden een valse boodschap is en daarmee niet van God afkomstig kan zijn. Vanuit de Islam geredeneerd volstaat het niet om dan te op te werpen dat de Bijbel gecorrumpeerd en vervalst is in de loop der eeuwen omdat het bewijs daartoe geheel ontbreekt en juist op het tegendeel wijst (zie bovenstaande opmerkingen in de gele tekstvlakken en het artikel: Bijbel betrouwbaar?).




 

© 2017

www.jesussaves.nl
tenzij bronvermelding wordt toegepast