Judaïsme / Christendom en Islam
Geestelijk versus aards leven

Door veel mensen kan de Islam in één adem vergeleken worden met het Judaïsme en het Christendom. Men spreekt dan van de 3 Abrahamitische religies, waarbij geredeneerd wordt dat ze alle drie hun oorsprong vinden in Abraham en zijn nalatenschap. Toch verwerpt de zichzelf noemende 'religie van vrede' elk Joods-Christelijk  fundament welke nog steeds als grondbeginsel van de westerse wereld gelden.

De leer van de Qur'an betitelt deze fundamenten als vervalst en dat alleen de Qur'an de aanspraak mag en kan hebben als hét - uiteindelijke - woord van God.

In dit artikel zal niet ingegaan worden op de grote getale van inconsistenties in de Qur'an, maar veeleer op het persoonlijke geestelijke aspect die zowel het Judaïsme als het Christendom onderscheidt van de leer van Mohammed.

In de zogeheten filosofie van religie worden alle drie religies, Judaïsme, Christendom en Islam, beschouwd als 'geopenbaarde' religies. Dat wil zeggen: elke religie wordt gezien als zijnde een openbaring van de Schepper zelf, God.

In het Judaïsme heeft de God van Israël, JHWH, zich geopenbaard aan Abraham, Izaäk en Jacob (Israël), de aartsvaderen van de Bijbel. Vervolgens openbaarde JHWH zich aan het gehele volk van Israël tijdens de uittocht uit Egyptische slavernij. Dit resulteerde in Zijn persoonlijke woord, de Thora, en de 'Aseret haDibrot', de tien geboden.

In feite was de 40-jarige uittocht van Egypte naar het 'Beloofde Land' een proces waarin JHWH zich in woord en daad openbaarde aan het volk Israël. Dit hele proces, en de voorgaande geschiedenis van Gods openbaring aan de aartsvaders, is opgeschreven in de Thora door Mozes.

Door de volgende 1000+ jaren heen, door openbaringen van God, schreven talloze profeten de ervaringen en gebeurtenissen van en over het volk Israël in hun interactie met God. Deze bundeling van geschriften is wat we nu de Tenach, of Hebreeuwse Bijbel, noemen. Dit is voor Christenen het Oude Testament. De vroege rabijnen bleven de wetten en ethiek van de Tenach uitleggen en schreven dit in geschriften, wat later de Talmoed zou worden.
 

Het Christendom accepteert de Tenach volledig: het Christendom is dan ook volledig gebaseerd op de openbaringen en beloften die God geeft in de Hebreeuwse Bijbel. Waar het Judaïsme gebaseerd is op de beloften en openbaringen uit de Tenach en daarmee ook eindigt, ziet het Christendom op de Tenach nog een vervolg van enkele honderden jaren tot en met de komst en hemelvaart van de Messias Yeshua / Jezus. Het Evangelie van Jezus is voor Christenen een direct gevolg (en vervolg) van de beloften uit de Tenach. In Jezus zien Christenen de verwachte lijdende Messias waarover ondermeer gesproken wordt in Jesaja 53, maar waar in feite door de gehele Tenach over gesproken wordt, denk aan de beeldspraak door het leven van Jozef heen.

Verhalen over Zijn leven, wonderen, levenslessen, berechting, kruisiging en wederopstanding zijn opgetekend in het Nieuwe Testament, het Evangelie. Samen met de Hebreeuwse Bijbel vormt dit de Bijbel, zoals wij die kennen, over Gods belofte en Gods vervulling voor de mens.

Een vaak gehoord misverstand is hoe Christenen God zien. God wordt in het Evangelie net zoals het Judaïsme beschouwd als één: God is 1. In verschillende vormen maar altijd één. Voor de verduidelijking van dit gegeven de volgende illustratie over de zon: naast de aanwezigheid als ster (vorm 1) brengt de zon ook licht (vorm 2) en warmte (vorm 3) voort. Dit zijn drie onafhankelijke vormen, die toch allemaal van één en dezelfde bron komen.

Dat dit voor velen onbegrijpelijk is, heeft ook mij bezig gehouden, maar wij mensen kunnen Gods wegen niet doorgronden en al zeker kunnen wij de Schepper van al wat leeft niet binden aan menselijke begrippen. Hij gaat ons verstand ver te boven.

Daarnaast is de kern dat het Christendom de Tenach volledig onderbouwt, er een continuering op is en zijn volledige oorsprong vindt in het Judaïsme.

Anders is het bij de Islam

De enige profeet die de Islam rijk is, Mohammed, maakte een complete breuk met de Bijbelse traditie tijdens het schrijven van de Qur’an. Mohammed claimde dat zijn openbaringen kwamen van de god Allah (lett. de God), via de "engel Gabriël". De door Mohammed beschreven engel is een dwingende entiteit, die geweld en intimidatie niet schuwt en minachtend spreekt over de mens.

In tegenstelling tot het christendom, die zijn legitimiteit in het geheel uit de Tenach haalt, ziet de Islam daar geen enkele noodzaak in en stelt zelfs dat Joodse geleerden de Hebreeuwse Bijbel 'gecorrumpeerd en vervalst hebben'. Met welk ogenschijnlijk doel lijkt warrig en niet overtuigend.

De Qur’an verhaalt in compleet andere vorm, van de Bijbelse verhalen. Een belangrijk verschil met zowel de Tenach als het Evangelie is dat nu de mensen die in de boodschap van Mohammed geloven (moslims), Gods volk zijn, er complete onderwerping aan Allah moet zijn, maar bovenal aan de mens Mohammed.


Daarbij compleet negerende wat zowel in de Tenach als in het Evangelie staat vermeldt met geen enkele aankondiging en onderbouwing van zijn claim, met als gevolg dat Mohammed wel moest suggereren dat zowel Tenach als het Evangelie vervalst is, teneinde zelf niet aan geloofwaardigheid in te boeten. Zijn legitimiteit (als zegel der profeten) haalde hij frapant genoeg dan weer wel uit diezelfde Bijbel.

De Qur’an neemt en verdraait expliciete vertellingen uit de Bijbel die vertellen over Jezus. Claimend dat de Islam de uiteindelijke en definitieve openbaring is, en Mohammeds als  de laatste profeet van God, geeft het de Islam de status als zijnde de enige 'ware religie'. Dit heeft direct een impact op de houding van de Islam tegen de rest van de wereld.

De afgelopen 30 jaar neemt het zelfvertrouwen van de Islam met de dag toe door de vele geweldadige aanvallen, angstaanjagende retoriek, demografische wijzigingen in de bevolkingen en onderdrukkingen wereldwijd, een korte blik op het dagelijks nieuws bevestigd dit beeld meer en meer.

Vaker en vaker ziet men over de hele wereld een roep om een wereldwijd islamitisch califaat. Zo was notabene het westerse Chicago in 2009 het toneel van een internationale conferentie met als hoofdthema: a Call to Caliphate. Tijdens deze conferentie werd als belangrijk agendapunt naar voren gehaald "het vernietigen van de Joodse staat Israël en het terugdrijven van alle Joden de zee in". Dit allemaal ongestoord door authoriteiten en onbekend voor bevolking.

Arabische afbeelding Mohammed,
eind 7de - begin 8ste eeuw

Ons komt het persoonlijk over dat, in menig opzicht, het Judaïsme en Christendom meer vrouwelijk, passief en wederkerig gebaseerde religies zijn. Daarnaast zijn het stromingen die het fundament zijn geweest voor de geciviliseerde en moderne (maar afkabbelende) westerse samenleving. Dit tegenover de Islam, die in zijn aggresiviteit mannelijk en dominerend van aard is en zich opsteld tegen ontwikkeling en civilisatie. Dit zullen wij hieronder uitleggen.

Agressieve leer
We gaan terug naar een ongespecificeerd moment in de geschiedenis tijdens of na Mohammed.

Islamitische hordes houden zich aan wat Mohammed en de Qur’an voorschrijft. Ze plunderen, vernietigen en veroveren in de naam van Allah, zoals Mohammed en de Qu'ran hen voorschrijft. De Islam heeft vanaf het begin alle kenmerken van een Arabische imperialistische beweging. In tijden van oorlog worden alle mannen gedood en de vrouwen verkracht. Ook in tijden van ogenschijnlijke vrede is het onderdrukken van ongelovige en vrouw een praktijk van alledag.

Als dan een moslim een Joodse vrouw onteert, is het kind volgens de islamitische traditie, een moslim, de religie van de verkrachter. Maar volgens het Judaïsme is het kind Joods. Hetzelfde gebeurt er wanneer moslims christenen aanvallen. Wanneer een moslim een christelijke vrouw onteert, dan is het kind, volgens de Islam, een moslim. De vrouw kan gedwongen worden om de islamitische mantra te herhalen en formeel bekeerd te zijn. Maar als de vrouw wil, kan zij in het geheim christen blijven en  ervoor kiezen haar kind stiekem zo op te voeden, omdat het Christendom zoals het Judaïsme geloofsoriënterend van aard zijn.

Simpel gesteld: het Judaïsme en Christendom zijn gericht op het geestelijke aspect, een persoonlijke relatie opbouwen met God. Dit staat volledig los van de samenleving waarin ze leven. Het streven is niet naar een aards koninkrijk of kalifaat, voorop staat het persoonlijke leven/zijn of haar persoonlijke relatie voor en met God. Dat is het alledaagse kenmerkende verschil tussen het Judaïsme en Christendom enerzijds en de Islam anderzijds.

De Islam is een ideologische religie merendeels gefocust op het hier en nu, met de nadruk op het vestigen van een wereldwijd islamitisch kalifaat, gegrondvest op de "heilige" Jihad en Sharia. Het gaat uit van aardse verdiensten en dito beloning, uitermate geschikt voor veroveringen in elke vorm.

Zoals de naam al suggereert betekent Islam volledige onderwerping. Volledige onderwerping aan de Qur'an, zijn wetten en leringen. Hiervan afwijken betekent onherroepelijk een lijf- of zelfs doodstraf.

Er wordt niet erkend dat eigen zonden vergeving kunnen krijgen, dat is een zaak van jezelf en dit kun je alleen ongedaan maken door goed volgens de Qur'an te leven, zelfs als dat betekent een ander het leven te benemen.

Dit alles in volledig schril contrast met het Judaïsme en Christendom die beiden juist een weg zoeken om hun geestelijke identiteit en geloof te bewaren, ook / juist in tijden van agressie en onderdrukking. Beide erkennen ze dat zonden onlosmakelijk met de mens verbonden zijn en er niet door eigen werken maar alleen door Gods genade verlossing van deze zonden kan plaatsvinden.

© 2017

www.jesussaves.nl
tenzij bronvermelding wordt toegepast