Jezus
de vervulling van Jom Kippoer

Jom Kippoer / Grote verzoendag
De naam Jom Kippoer betekent kortweg ‘Dag van Verzoening’ en geeft in een notendop ook gelijk weer waar het voor staat. Het is een door de HEER bepaalde dag om ‘verzoening te doen over je zonden; je wordt voor de HERE van je zonden gereinigd’ – Leviticus 16:30.

Jom Kippoer werd en wordt binnen het Jodendom gezien als de belangrijkste en heiligste dag van de ‘Moadiem’, de zogeheten Bijbelse feesten van de HEER. De Bijbel zegt ons dat Jom Kippoer de enige dag in het jaar was dat de Hogepriester het Heilige der Heilige betrad om de Naam van de HEER aan te roepen, een verzoen- en bloedoffer te brengen en vergeving te vragen voor de zonden van het gehele volk van Israël. Deze dag stond, en staat nog steeds, in het teken van verzoening tussen de HEER en Israël.

Offergave, overbrugging van de zonde
In de Bijbel (Leviticus 16:7-10) lezen we dat dit verzoenoffer bestond uit twee geitebokken, gelijk in aanzicht en hoogte. Een bok, middels het lot door de HEER aangewezen als zondoffer, werd voor de hogepriester gebracht die zijn handen op de bok legde terwijl hij de zonden beleed van het volk van Israël. Na deze belijdenis werd de bok geofferd als een bloedoffer (boetedoening) voor de zonden van het volk. De tweede bok had een hele andere taak. De hogepriester bad met zijn handen op het dier waarna het dier werd vrijgelaten in de wildernis. Deze bok werd zondebok genoemd (van het Hebreeuwse Azâzêl, betekenis: verwijderen – van zonden).

In de Talmoed (na de Tenach – voor christenen het Oude Testament – het belangrijkste boek binnen het Jodendom) lezen we in Traktaat Joma (Hebreeuws: ‘de Dag’ m.a.w. de verhandelingen over Jom Kippoer) een schitterend detail over deze zondebok. Ten tijde van de Tempel te Jeruzalem was het gebruikelijk dat aan de hoorns van de bok een rode wollen draad werd gebonden, ter illustratie van de duisternis van de zonde. De Talmoed leert ons dat elk jaar deze draad ná de offergave door de aanwezigheid van de HEER veranderde van scharlaken rood naar een helder witte kleur om hiermee de vergiffenis van de zonden te duiden. Dit werd gezien als een vervulling van Jesaja 1:18 - ‘al waren uw zonden rood als scharlaken, Ik maak ze wit als sneeuw. Uw vuurrode zonden zullen worden als witte wol’.

De tien dagen voorafgaande aan Jom Kippoer, tussen Rosj Hasjana (het Joodse Nieuwjaar, oftewel ‘hoofd van het jaar’) en Jom Kippoer zijn de zogeheten 'tien dagen van inkeer'. In deze tussenliggende periode wordt verwacht dat fouten tegenover mensen en de HEER worden bijgesteld en om vergeving wordt gevraagd. De tien dagen eindigen zoals gezegd met Jom Kippoer waarin de verzoening met de HEER wordt voltooid.

Jezus, levenslijn door de Bijbel
Het is mooi en erg interessant om te zien dat veel van deze Bijbelse feesten (Moadiem) en verhalen een voorafschaduwing zijn van het leven en doel van Jezus Christus op aarde. Denk bijvoorbeeld aan het levensverhaal van Jozef, de zoon van Jacob (één van de Aartsvaderen en later Israël genaamd). Jozef werd verstoten door zijn broers/de nakomelingen van Israël om hen later als redder/verlosser voor de honger/dood te kunnen beschermen.

Of de viering van het Joodse Pesach (betekenis ‘overslaan’). Toen het volk van Israël na vele jaren slavernij in Egypte door de HEER werd weggeleid naar het beloofde land moesten er eerst tien plagen aan te pas komen voordat de Farao hen liet gaan. Tijdens de laatste plaag sloeg de doodsengel de Joodse huizen over toen hij de eerstgeborenen in Egypte doodde. De deurposten van de Joodse huizen waren namelijk bedekt met het bloed van een onschuldig lam. Hier zien we dat het bloedoffer van een onschuldig lam leven gaf aan iedereen die acht sloeg op de woorden van de HEER.

Het voorhangsel wat ons scheidde van de HEER was niet meer, niet langer nodig. Ondermeer Hebreeën hoofdstukken 8 en 9 leggen schitterend uit hoe Jezus Christus op het moment dat hij stierf onze Hogepriester werd, de Hemel (het Heilige der Heilige) inging en met zijn kostbare bloedoffer alle bloedoffergaven en een menselijke intermediair (lees: hogepriester) overbodig maakte.

Dit wordt eens te meer benadrukt wanneer we terug gaan naar de Talmoed en, in Traktaat Joma 39b, verder lezen hoe na vele honderden jaren, generatie na generatie, op een dag de rode wollen draad aan de hoorns van de bok na de zondebelijdenis niet langer veranderde naar een helder witte kleur, ik citeer:
‘Een Baraita (Rabbi) leert: Gedurende de veertig jaar vóór de Verwoesting kwam het lot „voor Hasjem” (letterlijk: de Naam) nimmer op in de rechterhand van de Kohen Gadol (Hogepriester), het rode koord werd niet wit en de westelijke lamp bleef niet branden en de deuren van de Heichal (de Tempel) bleven vanzelf open’.

Vrij vertaald  wordt verhaald over het feit dat veertig jaar voordat de Tempel werd vernietigd het door de HEER aan te wijzen lot voor de bokken niet langer meer door de Hogepriester werd getrokken, het rode koord niet langer wit werd, de westelijke lamp (één van de 7 lampen - op de Kandelaar / Menora - die meestal ook het meest lang bleef branden) niet langer bleef branden en de deuren van de Tempel niet langer vanzelf dicht gingen (zeer verkorte weergave van de exacte betekenis van dit laatste).

Dit was klaarblijkelijk van zo een groot belang dat het in de Talmoed is opgenomen, maar nog meer is dit een werkelijke enorme openbaring wanneer je je bedenkt dat de Tempel van Jeruzalem werd verwoest in 70 na Christus. Volgens de Talmoed werd de wollen draad dus niet langer helder wit veertig jaar vóór deze vernietiging, wat betekent rond 30 na Christus (gangbare jaartelling). Tot die dag had de HEER, middels de wollen draad, honderden jaren een teken van vergiffenis afgegeven maar rond dat tijdstip veranderde er dus volgens de (niet-christelijke) Talmoed iets. Noem het toeval maar op datzelfde tijdstip stierf een man, na een zondeloos leven te hebben geleid, aan het kruis voor de zonden van Israël en de hele wereld. Er was niet langer een zondebok op Jom Kippoer nodig omdat Jezus van Nazareth het ultieme bloedoffer had gemaakt.

Zo is ook Jom Kippoer een voorafschaduwing van Jezus Christus en blijkt deze dag naast de significante betekenis voor het volk van Israël tevens een inzage te geven in G-ds heilsplan voor deze wereld.

Jezus Christus  de vervulling van Jom Kippoer
De bedoeling van Jom Kippoer geeft een idee hoe zonde ons verwijderd van de Heiligheid van de HEER en dat dit niet zondermeer ‘overbrugd’ kan worden maar dat hiervoor een bloedoffer (een leven voor een leven) moet worden gebracht. Voordat in Bijbelse tijden dit bloedoffer werd gebracht moest de Hogepriester het Heilige der Heilige betreden en daarbij het zware voorhangsel passeren dat het Heilige der Heilige scheidde van de rest van de Tempel. Dit voorhangsel was een symbool van de afstand tussen het volk en de aanwezigheid van de HEER (Hebreeuws: Sjechiena: het wonen). Echter op het moment dat Jezus stierf aan het kruis ‘scheurde het zware voorhangsel voor de heilige plaats in de Tempel van boven naar beneden in tweeën. De aarde sidderde en de rotsen scheurden’ - Mattheüs 27:51.

Jezus van Nazareth werd als dé Christus voor eeuwig onze Hogepriester en ons verzoenend offer tot vergeving van onze zonden. Door het bloedoffer van Jezus Christus te aanvaarden, accepteren wij Hem als de vervulling van de belangrijkste dag van de Moadiem: Jom Kippoer, tot eeuwige vergeving van onze zonden.

© 2017

www.jesussaves.nl
tenzij bronvermelding wordt toegepast